Omdat
elk paard of pony nogal van elkaar verschillen, is het voer
dan ook voor deze dieren verschillend. Toch zijn er wel een
aantal regels die voor elk dier het zelfde zijn, hou daar
wel rekening mee. Goed paardenvoer bevat voldoende
koolhydraten, eiwitten, vezels, vetten,
vitaminen en mineralen. Vanaf de lente tot aan de herfst
eten de meeste paarden en pony's gras. Wanneer er niet
genoeg gras aanwezig is moet je je paard of pony bij
voeren met hooi. Hooi
is soms erg stoffig, wat bij paarden kan leiden tot ademhalings
problemen, dit risico kan voorkomen worden door het hooi
eerst met water af te spoelen. Paarden hebben veel grofvoer
nodig, zoals gras, of droogvoer, zoals hooi, alfalfa,
kuilvoer, stro en bietenpulp. Dit voedsel helpt ze het meer
geconcentreerde voedsel zoals granen, maïsolie, gerst,
bonen, erwten, en lijnzaad te verteren. Hoewel grofvoer en geconcentreerd
voer beide veel van de benodigde vitaminen en mineralen
bevatten, is het goed om de paarden wat extra's te geven,
onder andere in de vorm van een liksteen, om er zeker van te
zijn dat het paard een evenwichtig dieet krijgt, vooral
wanneer het op arme grond graast.
Voedsel
en water zijn de belangrijkste dingen in het leven van een
paard of pony. Zonder de juiste hoeveelheid voedsel en
regelmatig vers water wordt een paard mager, het raakt uit
vorm en kan zelfs binnen vrij korte tijd doodgaan, dit wordt
wel eens gezien bij wilde paarden en pony's, vooral tijdens
een strenge winter of perioden van droogte. Helaas genoeg
zijn er ook eigenaren die hun paarden of pony's op deze
manier verwaarlozen, soms door onwetendheid, maar vaker door
gebrek aan zorg. Een
paard dat niet werkt, heeft minder voedsel nodig dan een
paard dat zwaar werk doet of een zware training krijgt. Te
veel voedsel kan net zo schadelijk zijn als te weinig. Een
dier wat te veel eet, is gemakkelijk te herkennen aan de
maag, die dan aan beide kanten uitsteekt, en ook herkenbaar
aan te dikke spiergewrichten. Dit gebeurt niet bij een paard
dat de juiste hoeveelheid voedsel en voldoende lichaamsbeweging
krijgt. Wat
en hoeveel geef ik mijn paard of pony te eten: Er
zijn nogal een aantal soorten voer, zoals gras en hooi, het is belangrijk dat zij dit
eten omdat deze de belangrijkste vezels bevatten, maar
omdat dit voedsel een te lage energie waarde bevat, is het
dus belangrijk om dit
aan te vullen met hard of krachtvoer zoals biks of
granen, dit kan dienen als aanvulling op het ruwe voer. De
hoeveelheid die ik moet geven aan mijn paard of pony: Het
hangt van heel veel dingen af natuurlijk het ene paard is het
andere niet, zoals de bouw van het paard of je er vaak mee aan
het werken bent, staat je paard in de wei of op stal, z'n
leeftijd noem maar op, over het algemeen is het wel zo dat als
het kouder gaat worden dat je wel meer zal moeten gaan voeren
omdat het paard dan meer energie gebruikt om zijn
lichaamswarmte op temperatuur te houden. De meeste eigenaren
geven hun paard of pony gemiddeld 2 procent van hun
lichaamsgewicht aan voer per dag, en het ligt er ook aan hoe
vaak je rijdt op je paard of pony, er kunnen periodes zijn dat
je minder vaak rijdt, in dit geval kan je beter dan meer
ruwvoer aan voedsel geven dan krachtvoer, je moet je paard of
pony ook door en door kennen dan weet je precies wat hij of
zij nodig heeft. Van nature zijn paarden 50 tot 80% van de
tijd bezig met eten. In plaats van al het paardenvoedsel
ineens aan te bieden, is het beter het hun maaltje te verdelen
over 2 of 3 porties per dag. Zorg
er ook voor dat je paard of pony altijd beschikt over vers
drinkwater en vooral als het erg warm is. Als
je twijfelt over de voeding of de hoeveelheid die je moet
geven vraag dit dan aan iemand die kennis van zaken heeft
hierover of anders je dierenarts, ook zijn er heel wat boeken
verkrijgbaar over dit onderwerp waar alles stap voor stap
wordt uitgelegd, maar leren voeren doe je niet van uit
een boekje dat kan ook niet, er zijn zoveel factoren die mee
spelen zoals ik al eerder zei, maar het helpt je een stukje op
weg, ook met andere paarden eigenaren praten kan heel nuttig
en leerzaam zijn. Paarden
zijn planteneters (herbivoren), maar geen herkauwers. De
voortanden gebruiken ze om gras en dergelijke mee af te
rukken, waarna dit door de kiezen vermalen kan worden. Zowel
hun gehoor als hun reukvermogen is bijzonder goed ontwikkeld.
Een paard heeft 2x 6 kiezen in de onderkaak en 2x 6 kiezen in
de bovenkaak. Ook heeft het dier 6 snijtanden onder en 6
boven. Tussen de snijtanden (voortanden) en de kiezen zitten
de tandloze kaakranden, ook wel De Lagen genoemd. Hier ligt
het bit op tijdens het rijden. Er zitten wel nog 2 kleinere
tanden: dit zijn de haaktanden.
Wat
is er zoal aan voer:
Biks: een uitgebalanceerd voermengsel in de vorm van
allemaal brokjes.
Mineraalblok: ter aanvulling van allerlei mineralen.
Zemelen: voeding met extra vezels.
Haver: is een voer dat speciaal is voor paarden
die hard moeten werken.
Suikerbietenpulp: droge vezelbron die gekweekt wordt.
Maïsvlokken: voor optimale energie en gewicht van
paard of pony.
Gerstvlokken: vlokken voor de energie en conditie van
paard of pony.
Paardenmuesli: voer met verschillende bestanddelen.
Haksel: gehakt stro met toevoegde melasse voor
de vezelvoorziening.

Als
je gaat voeren probeer dat dan op regelmatige tijden te doen,
en wat ik al eerder zei doe dat in 2 a 3 porties per dag, geef
de hoeveelheid van het voer per dag nooit in één keer. Ga
niet van de ene dag op de andere dag een ander nieuw soort
voer gebruiken, dit moet stapsgewijs gebeuren. Wat
je paard of pony ook heerlijk vindt is af en toe een peen
of een lekker appeltje. Kijk
altijd als je gaat voeren of de voedselbak goed schoon is, dat
is heel belangrijk evenals de drinkbak houd dit goed schoon. Wat
heel vaak gebeurd en dat heb ik vaak gezien, dat mensen gaan
rijden als het paard of de pony net gegeten heeft, geloof me
dat is heel slecht, wacht minimaal een uur nadat je gevoerd
hebt en ga dan rijden echt niet eerder.

De
informatie hierboven over voedsel voor je paard of pony blijf
ik aanvullen dus ik hoop je nog vaak hier te zien.
terug naar boven
Hoeven uitkrabben:
Hoeven
uitkrabben doe je altijd voor het rijden en na het rijden
vergeet dat niet, met een hoevenkrabber kan je de hoefzool
uitkrabben, als je dit nog nooit gedaan hebt kan je maar beter
eerst dit aan iemand vragen die daar goed in is en kijk goed
hoe hij of zij dit doet, ga nooit zelf aan de slag want de
straal van een paard is heel erg gevoelig.
Ga altijd naast je paard
staan en vraag een voetje. Als
dit is gelukt hou je de hoef met 1 hand vast en krab je met de
andere hand de hoeven uit met de hoevenkrabber. Werk
rondom de straal en kijk uit voor de straal die is
heel gevoelig, ga ook
met de hoevenkrabber tussen de rand van de zool en het
hoefijzer. Eén
keer in de week is het goed om de hoeven eens heel goed schoon
te maken. Met een harde borstel en water kun je de hoef dan
ook schrobben (probeer de kroonrand niet te raken, want deze
is ook gevoelig). Daarna kun je de hoeven invetten. Je moet
vooral de kroonrand en de zool invetten, want het vet
beschermt de hoef tegen het uitdrogen.
terug naar boven
Paarden
influenza:
Moet
ik mijn paard laten inenten tegen griep? Zo ja, wanneer moet
dit dan gebeuren? Paarden influenza is een zeer besmettelijke
ziekte. Behalve dat het dier er een poosje ziek van is, kan de
griep ook permanente schade aan hart, longen en zenuwen
veroorzaken.
Meestal
is er sprake van een epidemie en steken paarden elkaar via hun
gehoest aan. Net als bij mensen, bestaan er bij paarden
allerlei verschillende virussen die de griep veroorzaken.
Daardoor is, zelfs als het paard al een keer griep heeft gehad
of als het is ingeënt, de immuniteit niet altijd honderd
procent. Ondanks dat zorgt een inenting toch voor een goede
bescherming, en in die paar gevallen dat het paard toch ziek
wordt zijn de symptomen meestal veel milder. Een veulen kan
voor het eerst worden ingeënt tegen de griep als het drie
maanden oud is. Een inenting bestaat uit drie injecties. De
tweede injectie wordt vier tot zes weken na de eerste gegeven,
en de derde volgt zes maanden later. Daarna moet het paard
steeds met regelmatige tussenpozen van een jaar of minder,
terugkomen voor een kleine dosis. Ook kan het helpen om een
extra dosis te halen als er griep heerst in de omgeving van
het paard.
terug naar boven
De zorg
voor het gebit:
Het gebit van
het paard wordt vaak verwaarloosd, maar als het dier er pijn
aan heeft, kan dat de oorzaak zijn van
spijsverteringsproblemen.
Moet ik
het gebit van mijn paard laten nakijken?
Om voedsel te
verteren moet een paard het goed kunnen fijnkauwen. Daarvoor
heeft het een vlak zijgebit nodig. Verder worden veel
problemen tijdens de opleiding door tandproblemen veroorzaakt;
bijvoorbeeld gedrag waarbij het paard continu met zijn gewicht
naar één kant hangt, of waarbij het bit niet goed kan worden
aangebracht, en soms ook het voortdurend schudden van het
hoofd. Als een paard geen last heeft van zijn gebit is het
voldoende om het één keer per jaar te laten nakijken. Ook is
het handig om het gebit door de veearts te laten nakijken
wanneer die toch langskomt voor de jaarlijkse inenting.
Kun je aan
het gebit van een paard zien hoe oud het is?
De leeftijd
van een paard kan tot hij een jaar of acht is redelijk
nauwkeurig worden vastgesteld aan de hand van zijn gebit. Tot
het achtste jaar verandert het gebit namelijk elk jaar zeer
duidelijk. Hierna zijn de veranderingen minder voorspelbaar en
kan alleen een grove schatting van de leeftijd worden gemaakt.
Vaak wordt in zo'n geval gewoon gezegd dat het paard 'aftands'
is. Wanneer je de leeftijd van een paard vaststelt aan de hand
van het gebit, is het van belang dat je de melktanden van de
volwassen tanden onderscheidt.
terug naar boven
Lichaamsbeweging:
Lichaamsbeweging
is erg belangrijk voor een paard en als het op stal staat,
moet het een wezenlijk deel van zijn leven uitmaken. De
hoeveelheid en het soort lichaamsbeweging dat het paard nodig
heeft, hangt af van het ras waartoe het paard behoort, het
soort werk dat er van hem verlangd wordt en zijn
leefomstandigheden.
Hoeveel
lichaamsbeweging heeft een paard nodig?
De werking
van de bloedsomloop van een paard, vooral in de voeten en de
onderste ledematen, vereist regelmatige beweging voor een
efficiënte circulatie. Paarden die lange tijd op stal staan,
zijn geneigd last te krijgen van gezwollen benen, omdat deze
zich vullen met vloeistof (oedeem), door een slechte
circulatie. Bij wijze van minimale lichaamsbeweging, is het
zaak dat het paard dagelijks een eind gaat wandelen; 15 tot 20
minuten is genoeg.
Als je een
paard wilt gaan berijden, is het belangrijk om eerst vast te
stellen hoe fit het is. Om een paard in conditie te krijgen,
moet er een dagelijkse trainingsroutine worden ingevoerd. Het
trainingsprogramma moet geleidelijk aan worden opgevoerd. En,
als het paard eenmaal fit is, spreekt het natuurlijk voor zich
dat de hoeveelheid lichaamsbeweging opnieuw wordt overwogen.
Een paard dat de ene dag hard gewerkt heeft hoeft niet de
volgende dag opnieuw weer twee uur lang te werken: een
wandeling van 20 minuten zal genoeg zijn om de stijfheid uit
zijn gewrichten weg te nemen, of eventuele zwellingen te doen
verdwijnen. Om een paard in
topconditie te houden heeft het ongeveer twee uur
lichaamsbeweging per dag nodig, onder het zadel, of aan de
teugel.
terug naar boven
Hoe kun je
een paard het beste in een trailer laden?

Het is erg
handig als het paard al gewend is geraakt aan de trailer
waarin hij moet reizen (hoe die eruit ziet, ruikt etc). Het
loont de moeite als men hier de tijd voor neemt. Zo kan men
het paard bijvoorbeeld eerst een tijdje voeren in de buurt van
de trailer en vervolgens rustig laten wennen aan het
instappen.
Welke
bekleding is handig ter bescherming van een paard op reis?
Paarden
hebben de neiging achteruit te leunen in de trailer om in
evenwicht te blijven. Hierdoor kan de staartwortel beschadigd
raken. Als het paard uit balans raakt, zal het misschien op
zijn eigen voeten gaan staan, of zijn benen beschadigen. Deze
worden daarom op reis meestal beschermd door rubberen
springschoenen, of reisbandages die over een wollen of andere
stoffen doek of watten worden aangebracht. Deze bandages
worden gelijkmatig van de onderknie, of het spronggewricht,
tot aan de kroonrand naar beneden gerold, en daarna weer
omhoog. Voor lange reizen bestaan er 'reislaarzen', die
paarden nog meer bescherming bieden. Er zijn zelfs hoofdkappen
met stootkussens, om de hoofden van paarden die echt
onhandelbaar zijn geworden te beschermen. Om verwondingen te
voorkomen horen paarden nooit in een trailer vastgemaakt te
worden voordat de laadklep omhoog is gedaan.
terug naar boven
De
voetverzorging en het beslaan:
De voeten van
een paard zijn erg gevoelig, waardoor ze elke dag moeten
worden nagekeken, ongeacht of het paard in de stal of in de
wei wordt gehouden.
Moet ik
mijn paard laten beslaan?
De hoornige
structuren van de hoornschoen worden boven aan de hoef
geproduceerd, in de kroonlederhuid. De hoornschoen groeit met
een snelheid van zo'n
2.5 cm
per maand. Hij doet er ongeveer een half jaar over om vanaf de
kroonlederhuid naar de zool toe te groeien. Als een paard in
de wei staat verslijt de hoornschoen vrijwel net zo snel als
hij wordt aangemaakt, waardoor beslaan dus niet nodig is.
Op
een harde ondergrond (beton, asfalt, etc.) slijt de schoen
echter sneller dan hij wordt aangemaakt. Meestal slijt hij ook
oneven, d.w.z. sneller aan de ene dan aan de andere kant.
Onder zulke omstandigheden is beslaan wel noodzakelijk om zere
voeten en slijtage te kunnen voorkomen. Voor paarden die
regelmatig op een harde ondergrond werken is dat helemaal
belangrijk. Sommige paarden die in de wei worden gehouden
moeten ook worden beslagen om het splijten en afbreken van de
hoeven te voorkomen. Als er een begin is van een draag- of
kroonrandscheur, kan verder uitscheuren worden voorkomen door
het paard te beslaan.
Hoe vaak
moet mijn paard worden beslagen?
De
groeisnelheid van de hoef varieert licht tussen verschillende
paarden en verandert ook met het jaargetijde. Gemiddeld moeten
de hoefijzers eens in de vier tot zes weken worden verwijderd,
zodat de hoeven kunnen worden bekapt. Daarna worden dezelfde
of nieuwe hoefijzers aangebracht, afhankelijk van de staat van
de oude. Versleten, loshangende of afgeworpen ijzers,
uitstekende klinknagels, en misvormde voeten zijn allemaal
aanwijzingen dat het paard opnieuw beslagen moet worden. Als
een hoefijzer te lang niet verwisseld wordt, kan, vooral bij
de hiel, de hoornschoen om het ijzer heen gaan groeien.
Hierdoor wordt het ijzer naar voren geduwd, hetgeen druk op de
zool en kneuzingen veroorzaakt.
Het
natuurlijk bekappen
IJzers of
natuurlijk bekappen, het is natuurlijk een keuze van de
eigenaar van het paard wat hij of zij wil, en wat is het beste
voor het paard, beslag of natuurlijk bekappen,
binnenkort zal ik informatie plaatsen over het natuurlijk
bekappen, deze informatie hopen wij te krijgen van een
natuurlijk bekapper die zeer deskundig is en al jarenlang zijn
beroep professioneel uitoefent.
Deze
informatie zal dan boven in het menu via de button natuurlijk
bekappen te vinden zijn.
terug naar boven
Is een
paardenlichaam gebouwd voor hoge snelheden en
uithoudingsvermogen?
Er zijn twee
belangrijke overlevingsfactoren die de evolutie van het
bewegingssysteem van paarden hebben beïnvloed. Ten eerste was
het nodig dat ze zich snel uit de voeten konden maken bij
gevaar. Ten tweede moesten ze grote afstanden kunnen afleggen
over een nogal harde ondergrond, op zoek naar voedsel. Een
hoge snelheid is mogelijk dankzij hun lange benen, en doordat
ze op hun tenen lopen hoeven ze zich hierbij minder uit te
rekken. Daar komt bij dat de holle voetzool met de uitstekende
straal het dier een zeer goede greep op de ondergrond geeft.
Het hoofd en lichaam van het paard zijn bovendien
gestroomlijnd en verminderen de luchtwrijving.
Verder bevinden
de grote spieren die verantwoordelijk zijn voor de beweging
zich hoog in de benen, zodat er minder gewicht op de bewegende
delen drukt. De enorm sterke spieren worden door middel van
een ingenieus pezenstelsel met alle bewegende delen van het
been verbonden. In tegenstelling tot andere snelle dieren
(zoals hazewindhonden en jachtluipaarden) beweegt de rug van
het paard nauwelijks. Er is wel sprake van souplesse, een
eigenschap die hoog gewaardeerd wordt door de berijder van een
paard. Bij oudere paarden is het vaak zo, dat veel van de
wervels van de ruggengraat met elkaar vergroeid zijn, waardoor
er weinig flexibiliteit meer in zit. Dergelijke paarden zijn
ongeschikt om voor de sport te worden gebruikt.
terug naar boven
Wat kunnen
paarden wel en niet zien?
Paarden
hebben grote, opvallende ogen aan de zijkant van het hoofd.
Hierdoor kunnen ze vrijwel het hele gebied rondom het hoofd
zien, zonder dat ze hun hoofd hiervoor hoeven te draaien. Een
dergelijke plaatsing van de ogen in de zijkant van het hoofd
zie je bij alle herbivoren. Het geeft ze de mogelijkheid om
bewegingen van eventuele roofdieren in de gaten te houden,
terwijl ze aan het grazen zijn. Bij carnivoren zijn de ogen
juist dichtbij elkaar, voor in het hoofd geplaatst. Op die
manier kunnen ze informatie van beide ogen combineren
(binoculair zien), en dat geeft ze de mogelijkheid om de
afstand tot hun prooi te schatten. Toch kunnen ook roofdieren
bewegingen al vanaf een grote afstand waarnemen. Een paard
heeft twee blinde vlekken: eentje recht achter het hoofd en
eentje vlak voor de neus. Een paard kan dus niet het einde van
zijn eigen snuit zien. Op de snuit zitten echter voelharen die
belangrijk zijn bij het herkennen van voedsel en andere
objecten.
Het is handig
als mensen die een paard bezitten zich realiseren wat het dier
wel en niet kan zien. Je kunt een paard beter niet recht van
achteren of van voren benaderen, als je het niet wilt laten
schrikken. De ogen van een paard steken een beetje naar buiten
waardoor ze gemakkelijk letsel kunnen oplopen. Daarom is het
beschermen ervan voor een paard een natuurlijke reactie. Het
kan zijn dat het plotseling ergens van wegdraait (een kuil in
de weg bijvoorbeeld) of een andere plotselinge beweging maakt
(als gevolg van een vogeltje in het struikgewas).
Waarschijnlijk is dat een reflex die is ontstaan als gevolg
van het feit dat het dier vlak voor zich niets kan zien. En
zelfs als het wel ziet waar het van schrikt, dan nog kan het
de afstand tot het betreffende object niet inschatten. Een
paard draait, om een beter zicht te krijgen op een onbekend
voorwerp, zijn hoofd vaak zó dat hij het met beide ogen
tegelijk kan zien.
terug naar boven
De
beoordeling van een paard bij aankoop
De
veearts kan je het beste vertellen of een paard of pony
gezondheidsproblemen of verwondingen heeft. Nadat hij het dier
heeft onderzocht, schrijft hij alle gebreken die hij heeft
gevonden op en vertelt je wat de kans is dat deze tot
problemen zullen leiden.
Wat
houdt een veterinair onderzoek in?
Een
veterinair onderzoek wordt uitgevoerd in het belang van de
koper en nooit in dat van de verkoper. Het paard wordt altijd
onderzocht vanuit het standpunt dat het voor een bepaald doel
geschikt moet zijn. Daarom is het van belang dat je aan de
veearts vertelt wat voor plannen je met het paard hebt, voor
hij aan zijn onderzoek begint. Vertel ook of er iets is waar
je je speciaal zorgen over maakt bij dit paard. Er wordt een
standaard procedure gevolgd bij het onderzoek en de kosten
hangen af van de tijd die daarvoor nodig is (niet van de
waarde van het paard). De veearts moet je altijd van te voren
kunnen vertellen hoeveel het onderzoek precies gaat kosten.
Het
paard wordt eerst onderzocht in de stal. Elk lichaamsdeel van
het dier wordt grondig bekeken en bevoeld en alles wat afwijkt
wordt genoteerd. Tijdens deze fase worden het hart en de
longen nagekeken terwijl het paard in rust is.
Nu
wordt het dier mee naar buiten genomen en wordt zijn
lichaamsbouw bestudeerd. Het bewegingsmechanisme tijdens de
stap en de draf wordt bekeken terwijl het paard aan de hand
wordt voorgebracht. Op dezelfde manier wordt het dier
beoordeeld, terwijl het in een krappe cirkel draait en
achterwaarts gaat. Daarna wordt het bereden, tenzij het om een
onafgericht paard gaat; in dat geval wordt het gelongeerd. Zo
wordt het bewegingsmechanisme in draf en in galop
vastgesteld.
De
oefening moet redelijk zwaar zijn, zodat er daarna naar de
adem kan worden geluisterd en het hart en de longen opnieuw
kunnen worden onderzocht, maar nu na een krachtsinspanning.
Als het de bedoeling is dat het paard gaat springen, kunnen er
ook enkele sprongen worden meegenomen in het onderzoek. Tot
slot wordt het paard teruggebracht naar de stal en krijgt het
vijftien minuten rust. Terwijl hij op adem komt, worden zijn
ogen en oren nagekeken. Daarna wordt hij nog een keer aan de
hand in draf getoond om te controleren of er geen kreupelheid
of stijfheid is ontstaan als gevolg van het werk.
De aankoop
Er
wordt een signalement van het paard op papier gesteld, waarin
elke afwijking en de ernst ervan, wordt vermeld. Uiteindelijk
geeft de veearts aan of het paard naar zijn mening geschikt is
voor datgene wat je ermee van plan bent. Een paar kleine
gebreken zijn niet erg voor een jachtpaard of een paard
waarmee waarschijnlijk alleen maar
tochtjes worden gemaakt. Als het paard echter
wedstrijden moet lopen, zijn
zelfs zulke kleine oneffenheden onaanvaardbaar.
Het
kan voorkomen dat er na het veterinaire onderzoek toch nog
twijfels bestaan over de gezondheid en de geschiktheid van het
betreffende paard. Dan zijn er een aantal extra testen nodig.
Er kunnen bijvoorbeeld röntgenfoto's, een elektrocardiogram,
of een endoscopie worden gemaakt. Voor zeer waardevolle dieren
kan worden overwogen om röntgenfoto's te laten maken van de
gewrichten en voeten.
Is
een veterinair onderzoek echt nodig als ik een paard wil
kopen?
Zelfs
als je helemaal voor een bepaald paard gevallen bent, heeft
het weinig zin om het te kopen als het waarschijnlijk kreupel
of ziek wordt. En ook niet als het totaal ongeschikt is voor
datgene wat je ermee wilt gaan doen. Een ervaren ruiter is
meestal goed in staat om grote afwijkingen te ontdekken. Maar
voor een veearts is het vaststellen van ziekte, kreupelheid en
verwondingen een onderdeel van zijn beroep. Hij is aan gewend
om vroege tekenen van ziekte of kreupelheid te herkennen en
door zijn werkervaring weet hij welke afwijkingen
waarschijnlijk tot problemen leiden en welke niet.
Een
aankoopkeuring door een veearts is net zoiets als het
binnenwerk van een huis laten nakijken door een expert,
voordat je het koopt. Het paard wordt zo grondig mogelijk
binnen de gegeven tijd, tot in detail onderzocht. Op die
manier worden er zoveel mogelijk oneffenheden boven water
gehaald. Als je hebt besloten dat alles aan een bepaald paard
je bevalt, laat het dan eerst door een veearts onderzoeken
voordat je het koopt. Dat kan je een hoop ellende besparen.
terug naar boven
Een
huis voor je paard
Een
eerste voorwaarde voor het houden van een paard of pony is een
veilige en geschikte behuizing. Het dier moet kunnen grazen en
het moet een beschutte plek hebben, waar het kan schuilen.
Hoeveel tijd er in de wei of in de stal wordt doorgebracht,
hangt af van het type paard, de hoeveelheid werk die het
verricht, het jaargetijde, en de hoeveelheid tijd die de
eigenaar heeft om voor het paard te zorgen. Bepaalde factoren
zijn optioneel, zoals het soort stalbedekking. Toch zijn er
een aantal minimumeisen waaraan een stal of wei moet voldoen,
in verband met de gezondheid en de veiligheid van het paard.
Door aan die eisen te voldoen kunnen veel verwondingen en
gezondheidsproblemen worden voorkomen. Iedere toekomstige
eigenaar moet goed overwegen wat de condities zijn waaronder
hij het paard gaat houden. Deze bepalen namelijk gedeeltelijk
voor welk type paard er moet worden gekozen.
Als
je een paard op stal wilt houden, moet je daar zowel geld als
tijd insteken. Alleen al het uitmesten, voeren en poetsen
neemt elke dag een uur in beslag. Daarnaast heeft het paard
dagelijks 20 minuten tot twee uur lichaamsbeweging nodig.
Paarden moeten niet continu op stal staan; zowel voor de
vacht, de hoeven, en het temperament is het goed als vers gras
deel uitmaakt van hun dieet. In de winter kan het soms beter
zijn om het paard naar binnen te halen, wat zeker geldt als
het zich moet voorbereiden op wedstrijden of zwaar werk. In de
stal kan het dieet namelijk beter worden gecontroleerd. Een
hard werkend paard heeft krachtvoer nodig en geen buik vol met
gras.
Wat
voor problemen kun je verwachten als je een paard in de wei
houdt?
Een
paard dat in de wei staat moet elke dag worden onderzocht op
tekenen van ziekte of verwondingen. Ook is het belangrijk om
regelmatig te controleren of het lichaam nog in een goede
conditie verkeert. De kwaliteit en de hoeveelheid gras kunnen
nogal variëren gedurende een jaar, en bijvoeren kan
noodzakelijk zijn om ervoor te zorgen dat het paard in
conditie blijft. Bij koud weer kunnen een schuilhok en een
Nieuw-Zeeland-dek nodig zijn. Nat weer kan huidproblemen
veroorzaken. De kans op verwondingen als gevolg van schoppen
kan worden verkleind door de hoefijzers (speciaal die van de
achterbenen) te verwijderen. Zonder hoefijzers hebben de
hoeven echter de neiging om af te brokkelen. Om dit enigszins
tegen te gaan kunnen de hoeven worden beslagen met
toonstukjes. Van paarden die in de wei staan moeten de hoeven
regelmatig worden bekapt en ook moeten de dieren regelmatig
worden ontwormd.
Het
binnenshuis stallen van een paard
Hoe
ziet de ideale stal eruit?
Bij
het kiezen van een stal moeten verschillende factoren in
overweging worden genomen. Vooral over de afstand tussen de
stal en het huis van de eigenaar, en over de afstand tussen de
stal en de wei, moet goed worden nagedacht. Wat ook van belang
is, is dat er geen verkeer in de buurt is; dat de ingang
geschikt is om verse stalbedekking en droogvoer makkelijk naar
binnen te halen, en ook voor het uitmesten; dat het voedsel,
en de rij- en staluitrusting er kunnen worden opgeborgen; dat
er een waterafvoerpunt is; en dat er water en elektriciteit
aanwezig zijn. Het goedkoopst is het natuurlijk om een al
bestaand gebouw om te bouwen tot stal, als dit mogelijk is.
Een stal hoeft niet de schoonheidsprijs te winnen. Veel oude
gebouwen zijn prima geschikt, als ze maar groot genoeg zijn en
stevig in elkaar zitten. Wat wel belangrijk is, is dat het er
warm, tochtvrij en goed geventileerd is; dat er geen balken of
andere dingen gevaarlijk uitsteken; en dat er een goed
afvoersysteem is.
Hoe
groot moet de stal voor mijn paard zijn?
De
afmeting van de stal hangt rechtstreeks samen met de grootte
van het paard of de pony. Behalve dat paarden last kunnen
krijgen van te weinig frisse lucht, kunnen ze ook 'vast' komen
te liggen, d.w.z. ze kunnen zodanig op hun rug komen te
liggen, met hun benen klem tegen de muur, dat ze niet meer op
kunnen staan. Verder kunnen ze zich ook nog op andere manieren
bezeren in een stal die te klein is. Je kunt beter een te
grote dan een te kleine stal bouwen. Maar een stal moet ook
weer niet zo groot zijn dat het er koud en tochtig is. Een
goede maat voor een stal is bijvoorbeeld
4.5 m
bij
4.0 m
, met een hoogte van zo'n
3 m
. Pony’s hebben iets minder ruimte nodig, terwijl een stal
waar een veulen wordt geboren juist weer groter moet zijn.
Welke
soorten stalbedekking zijn er te krijgen?
Stalbedekking
is nodig zodat een paard of pony comfortabel kan gaan liggen
en uitrusten. Ook zorgt het ervoor dat het zijn voeten niet
bezeert aan de harde vloer. Daarnaast moedigt het aan tot
urineren. Er kunnen allerlei verschillende soorten materiaal
worden gebruikt, zowel vers materiaal (dat ten minste eenmaal
per dag moeten worden verschoond) als een diepe strobedekking
(die maar eens in de zoveel maanden moet worden ververst).
Stro wordt het meeste gebruikt en is waarschijnlijk ook het
beste, als het maar van een goede kwaliteit is, en niet halfvergaan.
De voorkeur wordt gegeven aan tarwestro, omdat gerstbaarden de
huid van het paard kunnen irriteren.
terug naar boven
Heb ik genoeg geld om
een paard te onderhouden?
Zowel qua tijd
als qua geld moet je veel overhebben voor het houden van een
paard. Vergeleken bij de kosten van het onderhoud ( voedsel,
de stal met toebehoren, het beslaan, medische zorg, etc.) is
de aankoopprijs die je voor het dier betaalt relatief klein.
Voordat je een geschikt paard gaat zoeken, is het daarom de
moeite waard om te inventariseren hoeveel alles bij elkaar
gaat kosten en hoeveel tijd je zelf hebt om er daadwerkelijk
op te rijden. Wanneer blijkt dat je eigenlijk niet zoveel geld
en tijd hebt, kun je misschien beter een paard huren van de
manege waar je les gaat nemen.
Wanneer je een paard huurt, scheelt
dit een hoop in de kosten, maar er kunnen wel andere problemen
mee gemoeid zijn, vooral als het dier gewond of kreupel raakt.
Daarom is het aan te raden om een schriftelijk contract op te
stellen waarin precies staat wie er verantwoordelijk is voor
welke kosten. Dit zijn kosten zoals rekeningen van de veearts,
inentingen en verzekeringen. In het contract kan ook worden
vastgelegd hoe en onder welke omstandigheden het paard weer
moet worden teruggebracht. Het zadel en tuig kosten extra
geld. Hoewel je ze tweedehands kunt kopen, blijkt dat ze,
wanneer ze in een goede staat verkeren, ongeveer net zo duur
zijn als nieuwe exemplaren en soms zelfs nog duurder! Daarom
zijn tweedehands spullen meestal een slechte investering en
kun je ze beter nieuw kopen.
terug naar boven
Welke
spullen heb ik minimaal nodig voor een paard.
Voor een jong paard of
een fokmerrie heb je op z'n minst een halster, een leidsel,
een basis poetsuitrusting (een hoevenkrabber en een harde en
een zachte borstel) en wat spullen voor het voedsel nodig (een
voerbak, een wateremmer en een hooiruif). Voor een rijpaard
zijn natuurlijk tevens een hoofdstel met bit, een zadel,
zadeldek en singel noodzakelijk. Een rij cap is in dat geval
een must (zorg ervoor dat hij voldoet aan de
veiligheidseisen). Welke andere zaken er nodig zijn, hangt
ervan af of het paard in de wei, op stal, of in een huurstal
wordt gehouden.
Wat voor uitrusting is nog meer handig?
De rest van de uitrusting hangt af van
het type paard, welke werkzaamheden het verricht, en waar het
wordt gehouden. Als het dier een dunne vacht heeft (zoals de
Volbloed Arabier of Engels Volbloed) en buiten wordt gehouden,
heeft het een gevoerd, waterdicht dek nodig. Verder zijn
beenbandages nuttig ter bescherming tijdens het lopen en voor
de warmte, of ter ondersteuning na een lange zware dag
(bijvoorbeeld na een wedstrijd of de jacht). De
poetsuitrusting kan worden aangevuld met een roskam, een
manenkam, een spons en een borstel om hoevenzalf aan te
brengen.
Verder kan het nodig zijn om extra
kleding voor het paard aan te schaffen, zoals bepaalde dekken,
strijklappen en rubber springschoenen. Ook is het handig, doch
niet noodzakelijk, om een hamer en tangen achter de hand te
hebben, voor het geval er een hoefijzer losraakt en er snel
moet worden ingegrepen. Zo nu en dan kan het goed uitkomen als
er een longe aanwezig is,
bijvoorbeeld als het moeite kost om het paard in een trailer
te krijgen. En in combinatie met een logeerhoofdstel (of
kaptoom) kan deze natuurlijk worden gebruikt om te longeren.
Tot slot hoort er in iedere stal een brandblus uitrusting
aanwezig te zijn.
terug naar boven
Hier
wordt aan gewerkt, ik ben er nog eventjes mee bezig.
terug naar boven

Wie is
Alona
|
Margreet Bouwmeester, de
vrouw achter Alona, heeft ruim veertig jaar ervaring
met paarden. Zij heeft zich in die tijd ontwikkeld
tot een van de meest deskundige mensen in Nederland
op het gebied van Centered Riding. Zij is Certified
Centered Riding instructor level III, TTEAM
practitioner i.o., practitioner acupressuur
paard,.Momenteel volgt ze de opleiding tot Master
Saddle Fitting Consultant.
Daarnaast volgde ze
trainingen zowel in binnen- en buitenland, onder
andere op het gebied van Anatomie van ruiter en
paard, Adembewustwording- en ontspanningstherapie,
Alexandertechniek, Feldenkrais, Coaching (NLP
practitioner, master practioner en trainers
training) en Paardencoaching. Ze volgt regelmatig
trainingen in binnen- en buitenland om haar
kennis op peil te houden en zich verder te
ontwikkelen. In haar training en Coaching van
paarden en ruiters heeft zij diverse methodes
samengebracht tot een unieke manier van werken.
Daarbij staat een goede relatie tussen ruiter en
paard met respect voor beiden centraal. De werkwijze
is zeer paard- en mensvriendelijk.
Ishtar en Laska, twee
ervaren, vriendelijke paarden, staan haar terzijde
wanneer ruiters niet over een eigen rijdier
beschikken.
Alona is een
cursuscentrum voor paard en mens, dat het hele
jaar door een verscheidenheid aan cursussen,
clinics en workshops organiseert. Het uitgangspunt
is hierbij de balans voor de mens, de ruiter en
het paard.
Met dank aan
Margreet Bouwmeester voor het mogen plaatsen van
deze informatie.
Website:
www.alona.nl
terug naar boven
terug
naar de update pagina
|
|