|
Gedrag en
Zintuigen:
De
gedragspatronen van wilde paarden en paarden die ontsnapt en
later verwilderd zijn, zijn uitgebreid onderzocht. Alle
paarden zijn in wezen kuddedieren. In de natuur is een kudde
vrij klein; hij bestaat meestal uit drie tot acht merries, hun
veulens en de stamhengst. Tussen de merries heerst er een
duidelijke hiërarchie, de 'hoofdmerrie' is meestal degene die
beslist wanneer de kudde graast of rust, niet de hengst, wiens
rol zuiver die van beschermer is.
In het wild zijn er ook
'vrijgezellenkuddes' (van hengsten), waarbinnen geen van de
dieren duidelijk de heerser is. Hengstveulens en jonge merries
verlaten de kudde tussen het tweede of derde levensjaar; de
jonge merries worden vaak opgehaald door vrijgezelhengsten,
die vervolgens een eigen kudde beginnen. Wilde paarden zijn
weinig territoriaal, omdat de kuddes over grote afstanden
migreren. Dit staat in schril contrast ten opzichte van het
gedrag van ezels.
De hengsten van deze kuddes verdedigen hun
territorium tegen andere hengsten en paren alleen met merries
die tijdens het fokseizoen in hun territorium komen. Het is
moeilijk voor mensen om zich in te leven in de kuddegeest van
paarden. Behalve dat het leven in kuddes bescherming biedt,
heeft het ook andere voordelen, zoals de huidverzorging
onderling en de mogelijkheid die het biedt samen te scholen en
zo meer weerstand te kunnen bieden tegen insecten.
terug naar boven
Hoe
belangrijk is gezelschap voor een paard?
Het is
moeilijk dit te beoordelen, zonder te antropomorfiseren
(dieren menselijke eigenschappen toe te kennen). Desondanks
lijkt het wel alsof paarden 'gelukkig' zijn als ze in het
gezelschap van andere paarden zijn en bij sommige paarden
lijkt het alsof ze lijden als ze geen gezelschap hebben.
Misschien missen ze het contact en de voordelen, zoals het
wederzijds poetsen van elkaar. Zulke dieren (vooral jonge
paarden) kunnen gaan treuren en weigeren te eten. Het
gezelschap van een ander dier kan soms soelaas bieden, als er
geen ander paard voorhanden is. Schapen, geiten, katten,
konijnen en kippen hebben alle met succes deze rol op zich
genomen.
terug naar boven
Waar
schrikt een paard van, en wat is zijn schrikreactie?
De
natuurlijke schrikreactie van een paard is weghollen, zowel
bij een reële als een denkbeeldige angst. Vanwege hun blinde
vlekken en omdat het moeilijk is om afstanden met één oog in
te schatten, worden paarden vaak schichtig als ze
geconfronteerd worden met een abrupte beweging of een voorwerp
dat ze niet kennen. Daarom is het ook zo belangrijk om tegen
een paard te blijven praten, als je om hem heen loopt, zodat
hij weet waar je bent. Evenzeer is het goed om de handen over
het paard te bewegen vanaf een zichtbaar punt naar een punt
waar het niet kan kijken, in plaats van het zomaar aan te
raken en het dier te laten schrikken. Steigeren is een
schrikreactie, maar bijten en met de voorbenen schoppen zijn
eerder tekenen van agressie dan van angst.
terug naar boven
Kunnen
paarden kleuren waarnemen?
Testen hebben
aangetoond dat paarden, in tegenstelling tot sommige andere
dieren (zoals veedieren en honden die alleen verschillende
schakeringen grijs kunnen onderscheiden), wel kleuren
onderscheiden. Ze kunnen gemakkelijk groen en geel
onderscheiden, maar rood en blauw blijken moeilijker te
onderscheiden van de kleur grijs met dezelfde helderheid.
terug naar boven
Wat horen
paarden?
Het gehoor
van een paard is zeer goed ontwikkeld. Hun oren zijn erg
bewegelijk en kunnen afzonderlijk bewegen en 360 graden
ronddraaien; zo kan een paard zonder te bewegen, uit alle
richtingen geluid oppikken.
Paarden
kunnen ook geluiden horen die niet waarneembaar zijn met het
menselijk oor. Ze kunnen wel specifieke woorden onderscheiden,
maar niet zozeer de toon waarin ze worden uitgesproken;
paarden kunnen bovendien, veel beter dan mensen, de afstand
tot de bron van het geluid inschatten. Daarom is het zo
belangrijk om tegen paarden te praten bij het rondlopen in de
stal, of als je op ze afloopt: ze kunnen beter bepalen waar
iemand is met hun gehoor dan met hun zicht.
terug naar boven
Welke
zintuigen zijn ook belangrijk voor paarden ?
De smaak- en
reukzintuigen van paarden zijn heel sterk ontwikkeld. Ze
kunnen verschillende soorten grassen en onkruid in de wei van
elkaar onderscheiden. Ze zijn ook goed in het nauwkeurig
selecteren van het voer dat ze prefereren, of wat medisch
behandeld is. Vandaar ook dat paarden zelden giftige planten
eten, tenzij deze gemaaid zijn en intussen verlept. Ga hier
overigens niet helemaal op af, want er zijn genoeg
uitzonderingen en een ongelukje is zo gebeurd. Hengsten kunnen
een hengstige merrie, die enkele velden verderop graast en
absoluut niet zichtbaar is, wel ruiken.
Het gedrag dat ze
vertonen (het krullen van de bovenlip) wordt door paarden van
beide geslachten ook op andere gelegenheden gebruikt,
vermoedelijk om het reukvermogen te versterken. Het ruiken van
een vreemd paard, of zijn uitwerpselen, (wat vaak vergezeld
gaat van briesen en snurken) is een wezenlijk deel van het
sociaal contact tussen paarden, net zoals het erkennen van het
veulen door het moederdier. Het reukorgaan wordt ook ingezet
bij het onderzoeken van vreemde voorwerpen, wat wederom
vergezeld gaat van briesen, hetgeen misschien bijdraagt aan
het proces.
terug naar boven
Welke
ondeugden kunnen paarden ontwikkelen, en waarom doen ze dit?
Bijna alle
stalondeugden zijn een gevolg van verveling. Het natuurlijke
milieu van een paard bestaat uit wijdse, open vlakten en hoe
groot een stal ook is, paarden vinden het niet leuk om lange
tijd zonder lichaamsbeweging opgesloten te zitten. Het
schrapen over de vloer of het schoppen tegen de muren van de
stal of staldeur, zijn veel voorkomende problemen. Verveling
kan ook de oorzaak zijn van houtbijten, of dekenbijten en ook
van 'weven'. Bij het weven staat het paard met gespreide
voorbenen en gaat het met het lichaam heen en weer en meestal
ook met het hoofd.
Kribbebijten
weven en luchthappen zijn andere
stalondeugden, die vrij ernstig zijn en kunnen leiden tot
spijsverteringsproblemen en het paard kunnen 'verpesten'. Bij
kribbebijten
bijt het paard zich vast met zijn tanden aan de
rand van de krib of een ander voorwerp, bijvoorbeeld de deur
van de box. Vaak gaat dit samen met luchtzuigen. Bij het
luchtzuigen, bijt het paard zich niet per se ergens aan vast.
Hij buigt de hals, maakt slingerende of knikkende bewegingen
met zijn hoofd en zuigt lucht naar binnen.
terug naar boven
Hoe
intelligent zijn paarden?
Het
vaststellen van de intelligentie van dieren is geen eenvoudige
zaak. Terwijl de mens in zijn hoofd verschillende oplossingen
overweegt en daarna het meest geschikte antwoord kiest, hebben
dieren de neiging problemen op te lossen aan de hand van hun
praktische ervaringen. Daarom is het beter dieren te
beoordelen aan de hand van hun vermogen om problemen op te
lossen en deze oplossingen te kunnen onthouden en hiervan te
leren, dan hun redenatievermogens te zoeken. Paarden zijn
redelijk goed in het oplossen van problemen, zoals
bijvoorbeeld het openen van hekken. Ze hebben ook een goed
geheugen, dat hen helpt bij het vinden van de weg naar huis.
Paarden kunnen zich ook snel handelingen aanleren, daarom
kunnen ze getraind worden om een verlangde respons te geven op
bevelen of 'hulpen'.
terug naar boven
terug naar boven
|